Home » Thijs en Van Tiel revancheren zich met etappezege in Fenix Rally, Gerlach slaat toe bij motoren

Thijs en Van Tiel revancheren zich met etappezege in Fenix Rally, Gerlach slaat toe bij motoren

Een dag na hun dure navigatiefout in de proloog hebben Vincent Thijs en Arjan van Tiel de eerste etappe van de Fenix Rally op hun naam geschreven. Ze legden de 252,89 kilometer lange proef van Djerba naar Douz in hun Toyota af in exact 4 uur, de snelste tijd van het hele veld. Bij de motoren won de Duitser Justin Gerlach (KTM 450 Rally) met ruim zes minuten voorsprong op Jeremy Knuiman. Bij de SSV’s was de Fransman Pierre Lafay de snelste. Omdat de proloog niet meetelt, is de uitslag van deze eerste etappe ook het eerste algemeen klassement.

Voor de Nederlanders was het een dag van uitersten. Met Knuiman op de tweede en Daan Veenendaal op de derde plaats staan er twee Nederlanders op het voorlopige motorpodium. Bij de SSV’s waren Max en Sem van Empel als twaalfde de beste Nederlandse crew. André Thewessen en Jeffrey Spoor, zaterdag nog de beste Nederlandse SSV-crew, verloren ruim twee uur. De etappe voerde over snelle grindpistes, ruige steenachtige passages, door regen modderig geworden rivierbeddingen en de eerste kleine duinen. Het gaat om een voorlopige en onofficiële uitslag; de stewards kunnen nog wijzigingen doorvoeren.

Motoren: Gerlach laat zich gelden, twee Nederlanders op het podium

Gerlach was zaterdag in de proloog nog bewust rustig gestart om niet vooraan het spoor te hoeven openen. Op de eerste echte etappe zette hij de toon. Bij het waypoint op kilometer 113 had hij al ruim vier minuten voorsprong op zijn landgenoot Florian Willer. Gerlach finishte in 4.26.01 uur.

Knuiman mocht als winnaar van de proloog de etappe openen. De eerste 45 kilometer reed hij op de tweede plaats, maar richting kilometer 66 verloor hij ruim zes minuten. Daarna maakte hij een deel van die achterstand goed. Hij eindigde als tweede op 6.02 minuut. Veenendaal (GasGas 500) was op de weg zelfs bijna een minuut sneller dan Knuiman, maar een straf van 2.40 minuut voor te hard rijden kostte hem de tweede plaats. Hij werd derde op 7.43 minuut. De Fransman Gaspard Delsart (KTM 500 EXC-F) werd vierde. Willer viel na een snelheidsstraf van 7.30 minuut terug naar de vijfde plaats.

Richard Wijntjes (Husqvarna FE 501) reed zonder straf naar de zesde plaats op 33.33 minuut. De Oostenrijker Georg Reinprecht, derde in de proloog, verloor in het eerste deel al zo’n veertien minuten en werd negende. Pascal de Baar (KTM EXC 525) eindigde als dertiende. Zijn achterstand van ruim een uur is voor een groot deel te verklaren door een straf van 14.08 minuut voor een te vroege start uit een neutralisatiezone. Dries de Baar komt ook in deze uitslag niet voor.

Bij de quads behield Adam Krysiak de leiding. De Pool was 5.52 minuut sneller dan Karol Slugocki, die veertig seconden straf kreeg voor te hard rijden.

Een bijzonderheid lag buiten de proef: in de nacht van zaterdag op zondag ging Europa over op wintertijd, terwijl Tunesië op UTC+1 bleef. Daardoor toonde de livetiming bij de eerste waypoints van de motoren tijdelijk tussentijden die een uur afweken of zelfs negatief waren. De organisatie heeft dat gecorrigeerd.

SSV: Lafay slaat terug na sterke ochtend van Lacam

In de SSV-klasse ging het Franse duel uit de proloog verder. Hugues Lacam en Delphine Delfino (MMP T3) waren tot kilometer 113 bij elk waypoint het snelst en hadden op dat punt 53 seconden voorsprong op Lafay en Loïc Minaudier (Can-Am Maverick R). Na de tankneutralisatie in Tataouine draaide dat volledig om. Lafay was in het tweede deel van de proef bijna acht minuten sneller en won de etappe in 4.01.54 uur. Lacam werd tweede op 6.49 minuut. Nicolas Martinez en Lili Delfino (Overdrive OT3) eindigden als derde op 9.02 minuut, gevolgd door Raoul Fenestraz en Lili-May Mansuy (Can-Am X3). Frédéric Henricy en Eric Bersey (Polaris Turbo R) werden vijfde.

Voor het Duitse KTONE Motorsport was het een zwarte dag. Stefan Kober en Martin Zeh sloegen in het tweede deel van de proef over de kop en eindigden met hun Can-Am Maverick op het dak. Ook Harry Thoma en Anja Schweyer, op kilometer 45 nog vijfde op de weg, sloegen over de kop. Beide crews bleven ongedeerd, maar vroegen om berging en zijn uitgevallen. Ook de Fransen Rinaldi René Jean en Tom Lepoureau (Polaris RZR Turbo R) haalden de finish niet. Uitgevallen crews worden geklasseerd met de maximale tijd van 8.40 uur.

De Britten Luke Wakelen en Jordan Dobson werden 34e, maar waren na afloop vooral tevreden. Volgens Wakelen liep de auto foutloos en zat de navigatie “absoluut perfect”. Voor Dobson was het zijn eerste evenement met een roadbook.

Auto’s: revanche voor Thijs en Van Tiel

Door hun proloogstraf moesten Thijs en Van Tiel zondagochtend als 95e van start. Dat betekende rijden in het stof van een groot deel van het veld. “Voor ons stof, veel Sentinel en inhalen in verband met langzame deelnemers”, vatte Van Tiel samen. Hij omschreef de etappe als een snelle proef met “soms pittige navigatie”. Toch reden ze niet alleen de snelste autotijd, maar waren ze ook 1.52 minuut sneller dan SSV-winnaar Lafay. Magdalena Zajac en Blazej Czekan (Toyota Hilux) werden tweede op 5.06 minuut.

Koen Wauters en Tom De Leeuw werden derde op 6.21 minuut. Wauters reed naar eigen zeggen in het begin bewust geen aanvallende rit: hij liet de wagen “zijn ding doen” en probeerde zo constant mogelijk te rijden. In het tweede deel zorgde een probleem met de benzinedruk voor een korte schrik. Volgens Wauters kostte dat ongeveer een minuut, waarna teamgenoot Pascal Feryn en een snelle SSV hem voorbijgingen. Dat was voor hem het sein om aan te vallen. Feryn en Keysers verloren aan het eind tijd toen hun Hilux over een zandophoping een vreemde sprong maakte. “Kurt en ik zijn toch even uitgestapt, maar er was niets aan de wagen te zien”, aldus Feryn. Wauters ging daarop weer voorbij. Feryn eindigde als vierde op 10.50 minuut, inclusief een straf van 3.20 minuut voor te hard rijden.

Wauters plaatste wel een kanttekening bij de klasse. Thijs en Zajac zijn volgens hem twee wagens “die we niet aankunnen omdat ze eigenlijk in een andere categorie thuishoren”. Feryn Dakar Sport omschrijft beide Hilux-en als T1+-versies, terwijl de Belgen met een oudere Hilux rijden. In de Car Open-klasse van de Fenix Rally rijden ze echter tegen elkaar.

De Belgen Vincent Vroninks en Dave Berghmans (Red-Lined VK56) werden vijfde op 19.50 minuut. De Roemeen Calin Camarasan, die de proloog niet uitreed, werd met zijn Ford Ranger zesde. De Italianen Manuele Mengozzi en Elisa Tassile kregen een kwartier straf voor een gemist waypoint en zakten naar de negende plaats. Thomas Jolliffe en Mark Foster van JB Equipment Racing werden tiende. Onderweg raakte het relais van de koelventilator oververhit. Ze ontdekten de oplopende temperatuur op tijd, overbrugden het relais ter plaatse en hebben het inmiddels vervangen door een zwaardere variant. Het sturen op asfalt noemt het team nog “interessant”. De Luxemburger Carlo Arendt viel uit.

In de klasse Limited liepen de Tunesiërs Karim Benhassan Krayem en Nouichi Mohamed Elmecano (Toyota LC79) ondanks twee minuten straf voor een gemist waypoint ruim een uur uit op de Oostenrijkers Ewald Holler en Markus Bodzenta. Abdennour Benabdennour en Abdelwaheb Dakhlaoui werden derde.

Trucks

Bij de trucks wonnen Paolo Calabria, Loris Calubini en Carlos Alberto Viña (MAN TGA) de etappe in 4.58.08 uur. Ze hadden 25.31 minuut voorsprong op de Duitse crew van Stella Koerber. Michael Wolff en Roberto Briani (MAN KAT 1) verloren ruim twee uur.

De Nederlandse SSV’s

Bij de SSV’s lag het Nederlandse peloton dicht bij elkaar. Max en Sem van Empel (De Run Trading) werden twaalfde op 16.09 minuut, direct gevolgd door Rob van Horssen en Carlo Spreeuwenberg (Roca Racing Team) op 17.27 minuut. De twee GPR’s van OryxRallySport eindigden kort na elkaar: Daniel Kersbergen en Michiel Goegebeur werden zeventiende, Henri van Steenbergen en Daan van Ooijen negentiende. Daartussen eindigden Arjan Donders en Edwin Vloemans (Polaris RZR Pro R) als achttiende. Harrie van Empel en Stefan van Ras werden 25e en “Captain Slow” en Jan-Willem van Mourik 31e, mede door twee minuten straf voor een gemist waypoint.

Dick van Culenborg en Marius Bos werden 35e. Drie kilometer voor de finish viel hun Can-Am Maverick R stil door brandstofgebrek, wat ongeveer een kwartier kostte.

Coen Nooijen en Tijs Dijk zakten door zeventien minuten straf voor twee gemiste waypoints naar de 42e plaats. Thewessen en Spoor, zaterdag nog zesde, werden 43e met ruim twee uur achterstand. Op kilometer 113 lagen ze nog op 8.36 minuut van Lacam. Daarna liep de achterstand sterk op, en daarnaast kregen ze een kwartier straf voor een gemist waypoint. Een verklaring voor het tijdverlies is nog niet bekend.

Loasis L’Original

In de Loasis L’Original, die met de Fenix Rally meerijdt, gingen er in vrijwel alle klassen klassementsposities verloren door straffen. In de klasse 95 lag proloogwinnaar Jules Maufret (Chevrolet) op kilometer 92 nog ruim vijf minuten voor. Uiteindelijk ging de etappezege naar Serge Mogno en Jacques Perez (Toyota), met 2.22 minuut voorsprong op Jean-Michel Villot; Maufret werd vierde. In de klasse 85 ging de zege na straffen naar Eric en Christine Vallée (Toyota). Organisator Gilles Girousse werd tweede, ondanks ruim veertig minuten straf. Julien Aurouze, die bij het eerste waypoint nog de snelste was, viel uit. Alain Coquelle en Louis Boilly Coquelle (Bowler) bleven de snelsten in de klasse 2005. In de klasse Open won Michel Salvatore met Sabrina Gimenez, terwijl proloogwinnaar Jean-Jacques Ganteaume uitviel.

Etappe 2: de eerste duinendag

Vandaag staat een lus rond Douz op het programma met 336,77 kilometer tegen de klok. Het is de eerste grote duinendag van de rally. Vanaf kilometer 61 wordt de navigatie door duinvelden, kamelengras en vage sporen merkbaar zwaarder. Rond kilometer 117 volgt de oversteek van grote duinen, een passage die alleen voor de Fenix Rally geldt; de historische voertuigen van Loasis rijden vandaag een andere route. Halverwege gebruiken de deelnemers twee keer dezelfde remote service. Er is daar geen commerciële brandstof en de organisatie verzorgt geen tankstop, dus de assistentieploegen moeten zelf voldoende brandstof en onderdelen meenemen. Na de tweede herstart op kilometer 202 wordt het terrein afwisselender, met pistes, oueds en meerdere kruisingen met doorgaande wegen. Daar geldt een verplichte stop van twee seconden.